Nieuwsbrief 7 online

Onze zevende Fidesco nieuwsbrief staat vanaf vandaag online. In deze editie onder andere: honderden vogels, andere fauna tijdens de overdracht, stroomstoringen, bioinformatica en antibioticaresistentie, en natuurlijk: ons besluit en Fidesco’s steun voor een verlenging na onze eerste drie jaar.

Deze en alle voorgaande edities vind je onder de link Nieuwsbrieven in het menu linksboven.

Grieperdepiep Hoera

Ida die nooit ziek is, is 13 vandaag. Met griep! We hebben toch haar verjaardag gevierd met lasagne en regenboogtaart, op het dak van de Landrover. Op de hellingen van Kilimanjaro tussen metershoge mais: Ida in een warm dekentje, en wij eromheen.
20150615_18085520150615_18183420150615_182915
Toch nog heel gezellig geworden!

EEG in stijl: met vrij uitzicht op de sneeuwkap

In de loop van de jaren heeft mijn EEG-unit meerdere keren centraal gestaan in mijn verhalen. Al waren dat vaak positieve gebeurtenissen waar we nieuwe EEG-zusters de foefjes bij probeerden te brengen, waren de omstandigheden niet bepaald makkelijk.

20150224_11022520150224_11433720150224_114808

Een lawaaierige plek (bij de binnenplaats waar rouwende nabestaanden hun verdriet uitschreeuwden), om de hoek van de HIV-poli (waardoor EEG-kandidaten soms verschrikt wegbleven omdat ze dachten HIV te hebben, of daarvoor aangezien te worden) en op de eerste verdieping zonder lift (zodat we nogal eens suffe patienten met man en macht de trap op moesten slepen- waarna ze boven onze mooie witte lakens natplasten…). Verder werd er de laatste tijd gebouwd aan de nieuwe Spoedeisende Hulp. Dat is een welkome ontwikkeling maar ging gepaard met

  1. overstromingen door een geknapte waterleiding. Gelukkig had ik door eerdere wateroverlast alles al omhoog gezet
  2. stroomuitval, zodat alle vroeg opgestane EEG-kandidaten weer naar huis konden
  3. zakken cement van 100 kg die van de verdieping in aanbouw boven mij naar beneden vielen- op mijn in het zonnetje drogende bureaustoel, die daar stond vanwege de overstroming. Ik had er net daarvoor nog op gezeten om te testen of de zitting nog nat was…!
  4. afgronden van 3 meter naar beneden door halfgesloopte gangen, waarlangs mijn ouderen en mentaal geretardeerde patienten moesten schuifelen om bij de unit te komen

Dit alles had ik samen met mijn tot wanhoop gedreven EEG-zusters al gemeld bij de directie, maar er gebeurde niets. Totdat ik het begreep: ik ben naar ze toe gestapt met de mededeling dat deze bende nu het beeld van KCMC was in de ogen van de patienten die ik voor een second opinion verwezen krijg uit het Nationaal Ziekenhuis in Dar-es-Salaam. Ik was binnen een dag verhuisd en zit nu in een gloednieuw gebouw tegen de bosrand, met een voorspelbaar uitzicht..!
20150227_093948

Moshi Mousebirds

moshi-mousebirdsLast weekend on 9th & 10th May, the only Moshi birding group, called the ‘Moshi Mousebirds’ registered to join the first big Arusha Birding Day of 24-hour bird spotting in a radius surrounding both big mountains as well as the Rift Valley including Manyara National Park. 2 PYP students from International School Moshi joined the Moshi group as well as two parents. Willem & Donyo were the youngest birders of 120 individuals. The Moshi Mousebirds came 13th of 20 teams and registered 163 bird species in 24 hours.
As their birding prof. Phil Stouffer commented: “200 is in reach when Donyo and Willem get a handle on voices for some sneaky birds (and when we find a firefinch and mannikin). Even so, we hung with some folks who do this for a living, so well done!”.

(Bron: ISM News 17 mei 2015)

Queenie, 2 jaar later

Twee jaar geleden besloten we om een jonge grootmoeder, die voor haar kleindochter met een ernstige hersenbeschadiging zorgde, maandelijks te steunen met een bedrag. Haar zoon en schoondochter wilden na de gecompliceerde bevalling het kind niet opvoeden toen bleek dat de baby zich niet normaal ontwikkelde. Keer op keer werd Queenie, nu 2½ jaar oud, opgenomen in ons ziekenhuis met een aspiratiepneumonie omdat ze zich weer had verslikt. En keer op keer kwam oma haar brengen terwijl ze zich die opname eigenlijk helemaal niet kon veroorloven.

Bibi Queenie (51 jaar) en haar peuter
Bibi Queenie (51 jaar) en haar peuter

Toen een verpleegkundige had gezien dat de oma van Queenie alleen maar water door de neusmaagsonde van het kind kon geven omdat ze geen geld meer had voor pap, meldde ze het tijdens de visite. Ik ben dat nooit meer vergeten, en toen we besloten om naast ons werk in het ziekenhuis een individu te steunen met een maandelijks bedrag was de keuze makkelijk gemaakt. Aanvankelijk betaalden we met M-PESA, de Afrikaanse manier om geld telefonisch over te maken. Maar toen bleek dat het andere kind van Bibi Queenie dat geld elke maand achterover drukte en haar moeder wijsmaakte dat het helemaal niet was betaald, zochten we haar met elke fysio- of ergotherapiesessie in het ziekenhuis op, en betaalden haar contant.
Queenie is nu een peuter, ze is spastisch, nagenoeg blind en heeft epilepsie. Maar ze heeft een oma die van haar houdt, die nu wel genoeg geld heeft om haar redelijk te eten te geven- en sinds ons eerste bericht over dit indrukwekkende gezinnetje heeft Queenie ‘maar’ twee ziekenhuisopnames gehad.

“Powercutters!” Deel II

vaccinatie-1 vaccinatie-2 vaccinatie-3Verwijzend naar Hugo’s geniale zelfverzonnen scheldwoord van 2 jaar geleden, staat de laatste weken weer alles in het teken van de haperende electriciteitsvoorziening in Tanzania. Ik moest de afgelopen 3 weken naar Nederland voor nascholingscursussen, en daar viel de stroom een aantal uur uit in de Randstad. Voorpaginanieuws, en het gesprek van de dag op de cursus waar ik op dat moment was. Waarbij ik na een aantal seconden al besmuikt te horen kreeg: O ja, dat zal bij jullie wel vaker voorkomen.”
Nou en of! Meer dan 80% van Tanzania is niet aangesloten op het electriciteitsnet. Wij gelukkig wel, maar… dit zijn de statistieken van de afgelopen weken. Marco heeft het met enige beroepsdeformatie netjes bijgehouden. Je moet toch wat met je ergernis en frustratie als de stroom uiteindelijk 12 keer per dag, dagen achtereen, uitvalt. Als er al stroom is! Op de server die hij op zijn onderzoeksafdeling onderhoudt was af te lezen dat er in Moshi ussen 22 jan 2013 (begin registratie) en vandaag 3144 onderbrekingen zijn geregistreerd. Dat zijn gemiddeld 4 onderbrekingen per dag.

Jaargemiddelden:
2013: 1288 / 343 = 3.75 onderbrekingen per dag
2014: 1412 / 365 = 3.87
2015: 444 / 78 = 5.69

Zorgwekkende stijging, maar het cijfer voor 2015 is wel sterk bepaald door de maand maart. Tot vandaag zijn er in maart 211 onderbrekingen geweest, ofwel 12 per dag.

Grafiekje van de geograaf:
power cuts

Ik kwam gisterenavond terug in Tanzania, en het was heerlijk om iedereen weer te zien! Voor iedereen had ik wel wat leuks en lekkers. Maar naast die lekkernijen ook 17 vaccins die ik gekoeld meegenomen had. Het zijn gewone RIVM consultatiebureau-vaccins en een herhaling van de reisvaccins nu we er bijna 3 jaar wonen. De vaccins hier komen niet helemaal overeen met wat er in Nederland verkrijgbaar is, en bovendien blijkt veel medicatie hier nep, ‘counterfeit medicine’ noemen ze dat. Wel hebben we onze oudste meiden maar gewoon mee laten vaccineren toen er op school vanuit de regering tegen HPV gevaccineerd werd (dat gebeurt in Tanzania al langer dan in Nederland), al had ik zo wel mijn twijfels over de koudeketen vanaf het Ministerie in Dar-es-Salaam. Ik heb me daar toch maar overheen gezet, vertrouwen is ook een kunst.
20150329_13063020150329_130632Maar vanmorgen werd het ‘Pakjesavond’gevoel meteen een beetje getemperd: geen stroom, een opwarmende koelkast en buiten -ondanks de regen- nog 25 graden Celsius. Metéén vaccineren dus! En dat hebben we maar gedaan, allemaal giebelend op een rijtje bij de eettafel. Mama prikzuster, Doris plakte de pleisters, en Vicky mocht bij Ida op schoot toen het haar beurt was. En omdat ze allemaal in hetzelfde schuitje zaten was het allemaal zo voorbij, zeker met een dikke dropveter als beloning. Hugo mocht nog wel even heel hard ‘Powercutters!’ roepen, want hij had het bikkel-record met 4 vaccinaties in 1 keer. De stroom is overigens nog steeds niet helemaal terug behalve onvoorspelbare stukjes verlossend licht van ongeveer ‘n kwartier. Ik typ dit nu koppig door in het donker en probeer het zo via mijn telefoon op de website te krijgen.

Oogspiegelen


In plaats van 2 neurologen had KCMC er de afgelopen maand maar liefst 6! We kregen versterking uit de Verenigde Staten en uit Nederland. Dat was een mooie gelegenheid om een training oogspiegelen (fundoscopie) te geven. Omdat de oogzenuw in directe verbinding staat met het brein, kan een eventuele verhoogde hersendruk gezien worden bij de intredeplaats van de oogzenuw in het netvlies. Daarvoor moet je met een sterke lichtbundel door de pupil heen op de achterkant van het oog schijnen. Dat is een techniek die lastig kan zijn, zelfs in de meest medewerkzame patient. Bovendien moet je weten wat je ziet: is het afwijkend, of is het nog normaal? In de Westerse wereld kan vaak even een CT hersenen gemaakt worden als je twijfelt over je fundoscopiebevindingen. Bij een verhoogde hersendruk is het namelijk gevaarlijk om een ruggenprik te doen. De verhoogde druk kan bij vochtafname uit de onderrug betekenen dat de hersenen inklemmen en de patient eraan overlijdt. Een scan kan je duidelijkheid geven over ruimte-innemende processen en zwelling. In dit land is er een hoge infectiedruk met veel hersen(vlies)ontstekingen, maar KCMC heeft bijvoorbeeld al heel lang geen CT-scanner. Daarom moeten de internisten en kinderartsen noodgedwongen leren oogspiegelen. Omdat er maar 3 oogspiegels in het ziekenhuis zijn behalve die van mijn Ierse collega, onze neurologietrainee en mij, kwamen die extra 4 collega’s met hun fundoscopen goed van pas. De favoriete oogspiegel bij de residents blijft onze PanOptic, vorig jaar gedoneerd door Welch Allyn Nederland voor het Tanzaniaanse neurologie-onderwijs. Maar de 25 jaar oude afdelingsoogspiegel die nog in het stopcontact moet (als er stroom is…) doet het ook heel aardig. De ‘ooh’s en ‘aah’s als de eerstejaars voor het eerst die oogzenuw gespot hadden waren onze beloning.
Zoals je ziet aan het “bijsturen” van een AIOS door collega Howlett was dit letterlijk “hands-on training”!

Bujumbura, Burundi

Vandaag hebben de neurologen van de East-African College of Neurology hun derde vergadering. De enige neuroloog van buurland Rwanda had de bus vanuit de hoofdstad Kigali moeten nemen maar kreeg malaria… dus helaas is Rwanda vandaag niet vertegenwoordigd. Dat is best jammer, omdat Burundi en Rwanda een lange geschiedenis van ethnische conflicten delen, en het samenwerken van deze 2 landen zo’n positieve ontwikkeling is. Maar verder is er een mooie afvaardiging. Vanuit Tanzania zijn William Howlett, onze trainee Sarah en ik gekomen. Dat betekent overigens dat mijn Nederlandse collega Susanne de Bot, die deze 2 weken met me meeliep, achtergebleven is als enige neuroloog van Tanzania (48 miljoen inwoners!) en vandaag meegeholpen heeft op de poli in KCMC, patienten mee onderzoeken, EEG’s aanvragen, lesgeven. Stoer verhaal als ze straks terug is in haar Boxmeerse neurologiemaatschap!

Dr Barasukana uit Burundi en Prof Jowi uit Kenia
Dr Barasukana uit Burundi en Prof Jowi uit Kenia
Bij het meer van Tanganyika- in de regen
Bij het meer van Tanganyika- in de regen

We leggen de laatste hand aan de verenigingsstatuten en het curriculum. Inmiddels zijn we een bevriende en actieve groep neurologen geworden die om de beurt een vergadering in het eigen land hebben georganiseerd. Zo zijn we nu in Burundi, waar collega Patrice ons gisteren na een halsbrekende reis met een extra tussenlanding in Rwanda (nu weet ik echt wat turbulentie is) ophaalde van het vliegveld.

20150204_113426Nadat ik er 1,5 uur voor het loketje van Immigration had gewacht om mijn paspoort met visum terug te krijgen, bleek dat uitgerekend bij mijn registratie de visumprinter kapot was gegaan. Omdat gastheer Patrice in dit kleine land een bekende dokter is, heeft hij met de douane afgesproken dat ik als illegale vreemdeling zonder paspoort en visum weg kon gaan, en ik later mijn spullen kon komen ophalen. Wat een manier om het land in te komen! Inmiddels heb ik mijn dierbare identiteitsbewijs netjes terug.
Burundi is adembenemend, met de hoofdstad aan het meer van Tanganyika met witte zandstranden (en… verse vis. Iets waar we in ons land-locked Moshi naar snakken). Het krabbelt dapper op vanuit de stamtwisten die tientallen jaren geduurd hebben. Als Tanzania arm is, dan is Burundi echt arm. In de hoofdstad zie je bijvoorbeeld veel mensen op blote voeten en lompen lopen, terwijl er in ‘ons land’ meestal nog wel slippers vanaf kunnen. Vanwege zijn koloniale Belgische verleden is Burundi Franstalig, naast de lokale taal Kirundi die als buur van Tanzania veel Swahili-elementen heeft. De eerste naam die in me opkwam toen ik bij mezelf naging waarom Burundi zo melancholiek overkwam is: Kuifje! Maar dan helaas ook nog in de tijd van Kuifje. Dat betekent tientallen jaren terug in de tijd. En inderdaad was tekenaar Hergé een Walloniër.

Daktari Bingwa za Nyoka

Ik ben bang voor slangen. Maar sinds de grote visite van vrijdag is mijn naam Dr. Slangenspecialist.

Marissa teachingTijdens de visite kwam een aantal interessante casus voorbij, waaronder de CT scan van een jongetje met een ongeopereerde Tetralogie van Fallot, een zeldzame hartafwijking, die helaas een hersenstaminfarct had gekregen. Deze kinderen zijn vaak ten dode opgeschreven omdat de operatie duur is, en je ervoor naar India moet. Daarvoor is een lange wachtlijst en als je, zoals zijn alleenstaande jonge moeder, geen geld hebt om het proces te versnellen, overlijdt de patiënt vaak voordat de aanvraag in behandeling wordt genomen op het Ministerie. De arts op de foto is Marissa, laatstejaars AIOS neurologie uit Oregon die deze maand meeloopt. Hiervoor was ze drie jaar op Harvard neurochirurg in opleiding, maar ze vond het “teveel een mannenvak”, dus koos ze voor de neurologie(!). Ze zit nu in de laatste maanden van haar opleiding en gaat zich richten op epilepsie. En daaraan geen gebrek in de patiëntenpopulatie van KCMC.

Toen we bij het op-een-na-laatste bed van de Acute Kindergeneeskunde aan kwamen, was er opeens consternatie vanwege de slang die onder Bed 9 vandaan kwam kronkelen! Een kleintje  van niet meer dan 20 cm, maar wél eentje die zich oprichtte en zijn kap opblies: een cobra. Waar kindje slang is, moet moeder slang ook in de buurt zijn, dus de zusters waren in alle staten. Meteen werd er beschuldigend naar de vader en zoon op Bed 9 gekeken, want zij waren Maasai. Recht van de steppe en het dichtst bij de cobra, dus misschien was die wel uit hun bagage gekropen, of met opzet … Ze ontkenden in alle toonaarden en wezen erop dat ze 2 dagen onderweg geweest waren voordat ze Moshi bereikten. Een voorbeeld in een notendop van hoe de Maasai als stam gediscrimineerd kan worden.

In de tussentijd stonden we in het halfduister (geen stroom) te staren naar het cobraatje. Amos, de lange AIOS kindergeneeskunde uit Malawi, en Lenny, zijn potige collega, stonden naast me in hun glimmend gepoetste schoenen en deden niets. Toen ik een beroep deed op hun stoeremannenstatus en vroeg of ze hem niet gewoon konden doden, wilden ze liever de askari (bewaker) laten halen. “Nou, dan doe ik het wel!” Voordat ik besefte dat ik een reptielencomplex had stampte ik ‘t arme koudbloedige kindcobraatje dood. Nu had ik wel een lange broek en hoge schoenen met sokken aan, maar achteraf kreeg ik toch wel de rillingen.

Toen ik ‘s middags terugkwam op de kinderafdeling kreeg ik mijn eretitel toegeroepen! Maar ik blijf bang voor slangen.