Waar is Wally

Ons ziekenhuis organiseerde vandaag een mars om de aandacht te vestigen op Wereld Kanker Dag. Dwars door de stad, van het kantoor van de District Commissioner van Kilimanjaro naar het gloednieuwe kankercentrum van het ziekenhuis. De opbrengst wordt gebruikt voor de inrichting van het gasthuis voor ouders van kinderen met kanker die langdurig in ons ziekenhuis worden behandeld. Op z’n Tanzaniaans werd het pas afgelopen week georganiseerd en werden we allemaal gevraagd om te komen. Tijd? Plaats? Stond niet op de pamfletjes, die overal hingen. Desalniettemin kregen de co’s vandaag vrij met het bevel (dat en niets anders, we zijn in Tanzania) om mee te lopen. Wie er precies vandaag voor de patienten helpt zorgen is niet helemaal duidelijk: het onbetaalde werkvolk van co-assistenten hebben een spilfunctie in het ziekenhuis. Na wat gehaast rondrijden in de stad (met 13 renners in de auto een wat stomend gebeuren) vonden we het vertrekpunt.

Vicky fietst dapper bergop
In de verte Kilimanjaro in de vroege ochtendzon
De geruisloze transfer van de ziekenhuisdirecteur

Op mijn vraag of hij meeliep had de Duitse oncoloog gisteren gezegd dat hij te moe was van het opstarten van de oncologievoorziening, en teleurgesteld in de vooruitgang die hij geboekt heeft sinds zijn komst afgelopen zomer. Het ergerde hem dus dat er letterlijk ‘harder wordt gelopen’ voor zo’n stomme mars. Ik vind hem een prima collega, maar vond dat hij toch iets van mij moest leren. Al die frustratie en ergernis herkennen we- dingen gaan altijd anders dan je zou willen en meestal veel langzamer dan je had verwacht. In een land waar veel levens je door de vingers glippen omdat er nog niet genoeg grip is op omstandigheden waaraan je in een land als Nederland al niet eens meer d√©nkt, is het erg aantrekkelijk om je te storten op lichte en vrolijke gebeurtenissen. Daarom is zo’n gebeurtenis juist heel belangrijk- men viert het leven. Inderdaad gaan mensen nog steeds dood zonder goede diagnose omdat de patholoog z’n coupes nog steeds niet juist afleest, of omdat de betaling van de chemotherapie te lang op zich laat wachten… of de patient gewoon jammerlijk laat naar een dokter gaat. Met zo’n ‘awareness march’ kun je elkaar en de buitenwereld solidariteit en positiviteit laten zien. Als speciaal voor de kankerzorg ingevlogen specialist moet je het dan vooral niet laten afweten. Lopen dus! Achteraf bedankte hij voor mijn zachte terechtwijzing. Want ook morgen gaan er nog mensen dood aan een te laat doorverwezen kanker, maar er is nu wel een kankercentrum dat er vorig jaar nog niet stond. En heeft hij naar iedereen met wie hij werkt wat goodwill getoond.

De Polisi Hugo Escorte
Je ziet hem denken: Hoe komt dat meisje hier?
Er wordt begonnen met de cooling down- gadegeslagen door Hugo

Vanmorgen hebben we dus met zijn allen meegelopen, met misschien wel duizend anderen. De opkomst was fantastisch en verbroederend. De enigen die mochten ‘smokkelen’ waren onze drie kleinsten: die mochten op hun fietsjes. De reden was dat de kans groot was (en de vrees bleek uit te komen) dat, zo in het ochtendgloren, we er een paar uit het oog zouden verliezen in de mensenmassa. Ik verloor inderdaad wat kinderen uit het oog en Marco had Vicky meegenomen omdat het voortdurend bergop rijden te zwaar was voor het kleine ding. ‘Kwijt zijn’ in Moshi is weliswaar relatief (kleine stad, iedereen kent ons en de kinderen kennen de buurt) maar ik wilde toch wat meer controle… zo zijn moeders. Daarom sneed ik het laatste deel van het traject even af, om eerder bij de finishplaats te kunnen zijn. En daar was ik getuige van twee hilarische details. Ten eerste had ik de gezette ziekenhuisdirecteur, voor de gelegenheid in sportief tenue gestoken, al wat eerder geruisloos opgepikt zien worden door een auto die hem uit de achterhoede meenam. Ik zag hem daarna afgezet worden in de voorhoede, en daarna terloops meedoen met de cooling down, voorgedaan door het hoofd van de fysiotherapieafdeling. Tja, je kunt ook niet alles. Ten tweede zag ik gelijktijdig … onze Hugo binnenkomen, ge√ęscorteerd door een politie-Landrover en een motoragent. Hij was op zijn fietsje in de voorhoede terecht gekomen, en omdat hij (zij, dachten de agenten toen ik ze sprak: lange blonde manen) zo uit de toon viel bij de Tanzaniaanse renners dacht de oplettende politie dat het fietsende kind per ongeluk in de mensenmassa terechtgekomen was. Hugo wist echter precies waar hij was- allebei zijn ouders werken er! Zo staat hij nog een beetje daas te bekomen in de rand van elke foto die ik nam van het mediatafereel. De naar voren gesmokkelde directeur die rekt en strekt, en Hugo als een ‘Waar is Wally’ mannetje in elke foto.